Waarom?
Alle VMBO-scholen die groen onderwijs bieden hebben van LNV de uitnodiging gekregen om te gaan experimenteren met het geglobaliseerd examenprogramma Landbouw-breed. 26 locaties van de deelnemende scholen hebben conform de tijdelijke beleidsregel van LNV toestemming gekregen de komende twee jaar te experimenteren met dit geglobaliseerd examenprogramma, startend in leerjaar 3. Zij zijn, door deelname aan het stimuleringsprogramma, verplicht hun gegevens beschikbaar te stellen. Enerzijds ter evaluatie van de beleidsregel en anderzijds ter overdracht aan andere scholen en AOC’s.
In de 0-versie van het geglobaliseerd examenprogramma zijn de exameneenheden vastgelegd en globaler omschreven dan de oorspronkelijke eindtermen. Er is in de formulering van de eindtermen een concrete brug geslagen naar de SHL-competenties zoals die worden gehanteerd in de competentiegerichte kwalificatiestructuur in het mbo.
In de pilot worden scholen gestimuleerd om passend onderwijs te ontwerpen bij die competentiegerichte eindtermen. Ze kunnen binnen de aangegeven exameneenheden zelf keuzes maken voor de inhoudelijke invulling en inrichting van het schoolexamen (er kunnen zelfs onderdelen worden toegevoegd). Scholen krijgen hiermee de gelegenheid om competentiegericht onderwijs te ontwerpen. Onderwijs dat aansluit bij hun eigen visie op beroepsvoorbereidend onderwijs, dat past bij het type leerlingen en dat aansluit bij specifieke ontwikkelingen in hun regio.
Het geglobaliseerd examenprogramma Landbouw-breed geeft de ruimte om deze weg van competentiegericht opleiden en examineren verder vorm te geven. Door de competentiegerichte opzet biedt het geglobaliseerd examenprogramma Landbouwbreed daarnaast dus ook de ruimte om de ontwikkeling van doorlopende leerlijnen van vmbo naar mbo te stimuleren en daarmee de doorstroom van vmbo naar mbo te verbeteren.
Gelijktijdig met de experimenten op de locaties vindt in het globaliseringstraject de doorontwikkeling van de 0-versie van het examenprogramma plaats. De 0-versie dient voor de pilotscholen als uitgangspunt voor het ontwerpen van het onderwijsprogramma en het schoolexamen. De syllabuscommissie hanteert de 0-versie voor de ontwikkeling van de syllabus, waarin de specificaties voor het Centraal Examen worden vastgesteld.









